Burnout, een
grenzenkwestie
 PFD-versie
om te printen
door Paul van Beuzekom
De
vergrotende trap van werkdruk is stress, en de overtreffende trap is burnout.
Bij burnout is een werknemer zo ver en zo lang over zijn grenzen gegaan dat
zijn lijf zegt "ik doe niet meer mee; ga nou maar eerst bij de pakken
neerzitten om te kijken waar je nou eigenlijk mee bezig bent". Het
gevoelsleven van zo'n persoon is in de war. Hij voelt zich in de regel niets
meer waard en denkt dat hij niets meer kan. Hij trekt zich uit zijn sociale
leven terug, terwijl hij mogelijk nog wel sociaal doet maar hij is er niet
meer bij. En tot slot weet hij niet meer wat hij wil. Alles wat hij doet voelt
als een rol. Hij is zijn bezieling, zijn eigen koers kwijt. De persoon dreigt
zich lichamelijk, emotioneel, verstandelijk en met zijn bezieling helemaal
terug te trekken bij alles wat hij doet, tot de stoppen door slaan. Dit hele
patroon is ernstig, voor de persoon zelf omdat het blijvende lichamelijke
schade met zich mee kan brengen en ernstig voor het bedrijf waar hij werkt
omdat dit veel geld kost. Burnout kan leiden tot de WAO. Burnout is verheugend
als je het bekijk als vruchtbaar moment om je leven en je werk eindelijk echt
anders in te richten. Mijn eerste zorg gaat uit naar de persoon en hoe hij de
vrijheid weer verwerft om in leven en werken zijn eigen koers te volgen.
Burnout beschouw ik op
persoonlijk niveau als een stevig signaal dat iemand zichzelf en wat hij
wil, kwijt is en dat hij niet meer doet wat goed voor hem is. Mensen met
veel verantwoordelijkheidsgevoel lopen extra risico als ze hun eigen
grenzen niet in acht nemen en veel voor de zaak over hebben. Als je ouder
wordt gaat je interesse veranderen, je waarden van het leven
verschuiven, je fysieke energie wordt minder, en daarmee verschuiven je
grenzen. Als het werk daar niet op aangepast wordt ontstaat er een kloof
tussen de medewerker en zijn werk. Ook het bedrijf zelf kan aanleiding geven
tot het ontstaan van die kloof. Verandering van werk, te weinig personeel,
te weinig nascholing, slechte communicatie, weinig veiligheid en vertrouwen.
Als iemand dan te lang op de oude voet blijft doorgaan, groeit de kloof. Er
is dan gelukkig nog een lijf dat hem een halt toe roept. Als iemand echt
burnout is, is de grens zwaar overschreden. Hij draait dan op de
automatische piloot. Het is belangrijk er zo vroeg mogelijk bij te zijn.
Iemand met burnout heeft zich in zijn schulp teruggetrokken en is er niet
meer bij. Hij kan nauwelijks voelen wat er aan de hand is. Gedesoriënteerd.
Hij is zijn interne referentie kwijt en zoekt houvast buiten zich, maar dat
brengt hem voortdurend in de situatie waar hij nu is aangeland. Hij is de
weg kwijt. De vraag is
hoe zo iemand zichzelf weer terugvindt, hoe hij erbij kan blijven, zichzelf
weer herkent, weet wat hij wilt en doet wat goed voor hem is? Eén ding is
duidelijk, hij kan niet op dezelfde voet doorgaan. Dat brengt onherstelbare
fysieke schade met zich mee. Zie voor een klachtenprofiel en meer goede
informatie "Omgaan met burnout" (onder “literatuur”).
Iemand die met burnout mijn hulp inroept vraag ik om te beginnen om goed
voor zijn lijf te zorgen. Goed en matig eten en drinken, bewegen, rek- en
strekoefeningen, sporten. Niet om te presteren maar om je lijf te voelen,
ervan te genieten, het los en soepel te maken. Maar vooral om de lijfelijke
signalen weer te leren voelen. Dé grote kwaliteit van het lichaam is dat
het er nú is en niet gisteren of morgen. Het is dé verbindingsschakel
die je terugbrengt naar de werkelijkheid van nu. Als je goed voelt wat er
in je lijf gebeurt, kom je gemakkelijk op het spoor van wat er aan de hand
is en wat je eigenlijk wilt. Hiervoor is nodig dat je rust neemt, tijdelijk
niet werkt, de tijd neemt om erbij stil te staan en te proeven wat je goed
doet, hoeveel energie je eigenlijk nog hebt en waarvoor en wat je energie
geeft. Kan je accepteren dat je nooit meer de oude wordt?
Mijn tweede verzoek is om opnieuw te investeren in een persoonlijk netwerk.
Sociale contacten vormen dé mogelijkheid om geleidelijk aan weer uit de
schulp te komen, de wereld opnieuw tegemoet. Een mens leeft pas echt in
contact met anderen. In dat contact kan je pas goed voelen wie je bent en
wie je wilt zijn.
Ten derde bekijken we de vragen of dit (het oude) werk wel bij je past, of
je het met hart en ziel doet, met passie, ben je er goed op voorbereid, past de manier
van werken bij jou; passen missie, waarden en bedrijfscultuur van het werk bij jou?
In therapeutisch en
spiritueel opzicht is burnout niet alleen een proces waarmee de persoon zich
terugtrekt. Het verheugende is dat de persoon hiermee vooral zijn
authentieke kern, zijn ziel, beschermt en onbeschadigd bewaart. Hier ligt
het perspectief van begeleidingsprocessen die door mij in mijn praktijk
"Op eigen koers" en door anderen worden verzorgd. De kramp waarin
iemand met burnout is geraakt, is een mechanisme om zichzelf, wie hij
eigenlijk is, te beschermen. Het is dus een vergissing als hij denkt dat hij
die kramp is. Als je in die kramp zit is je blikveld vernauwd waardoor het
lijkt alsof je op een doodlopende weg zit.
In mijn begeleiding
spreek ik mensen dus niet aan op dat beschermende mechanisme maar op hun
beschermde kern die onbeschadigd is en elk moment volledig beschikbaar is.
Het is voor mij dus helemaal niet nodig om je angsten en je
afweermechanismen door te werken en uit te werken en uit te acten. Het gaat
mij erom de afweermechanismen en de pijn waar ze tegen afweren, onder ogen
te zien, ze los te laten en stil te staan bij wat je hart je ingeeft en te
doen wat je dus eigenlijk wilt. Het loslaten van je afweermechanismen en het
prijsgeven van de behoeften die achter de pijn schuil gaan, biedt je zo de
vrijheid om te leven volgens je eigen hart en je eigen bezieling. Dat is een
vorm van meesterschap waarmee je jezelf op je eigen koers houdt. Dat is voor
mij de kern.
Maar hoe zit het eigenlijk met de werkomgeving? Het is te gemakkelijk om de
oplossing van burnout alleen bij de werknemer te leggen, ook al heeft die daarin
een duidelijk aandeel. Maatschappelijk is er nu duidelijk een ontwikkeling
gaande. Er komt steeds meer aandacht voor de kwaliteit van contact, de kwaliteit
van relaties en ook de kwaliteit van werken. Mensen en organisaties komen meer
op voor de plaats van de mens in het werk, niet zo zeer als productiefactor maar
als mens. Kan hij zijn draai wel vinden, zijn energie, zijn creativiteit en zijn
bezieling en betrokkenheid wel kwijt op zijn werkplek? Herkent hij zich nog in
wat hij doet? Kan hij er nog trots op zijn? Dus als bedrijven bij het opvangen
en voorkomen van werkdruk, stress en burnout willen scoren dan kan dat met name
op het punt van de menselijke processen: de bedrijfscultuur, de communicatie
tussen de afzonderlijke personen en de houding waarmee ze elkaar tegemoet
treden. Organisatorisch verdienen onder andere de volgende punten daarbij een
plaats.
- Heeft de organisatie een duidelijke missie waar de medewerkers zich in
herkennen of wordt die missie van bovenaf opgelegd? Zijn de doelen van het
bedrijf helder vertaald vanuit de missie?
- Is de missie een vastgesteld stuk of iets dat leeft (niet alleen naar
klanten maar ook intern) en waar medewerkers elkaar op kunnen aanspreken?
- Is het geaccepteerd dat medewerkers de grenzen van het haalbare, zowel
voor hen persoonlijk als voor het bedrijf, openlijk bespreken en daarvoor
gaan staan?
- Hebben medewerkers voldoende mogelijkheden om hun werk optimaal te regelen
binnen de grenzen van het haalbare of kunnen ze daar geen invloed op
uitoefenen of verantwoordelijkheid voor dragen?
- Vindt de communicatie intern plaats op basis van menselijke gelijkheid,
ook al is er een ongelijkheid in rol en verantwoordelijkheid? Hoe openlijk
en veilig is die communicatie? Is de vraag nog relevant wat het
belangrijkste is, de medewerker of het bedrijf?
- Is er in de communicatie niet alleen aandacht voor de inhoud en de
procedures maar ook voor wat er menselijk gebeurt, of de verwachtingen, de
samenwerking en taakverdelingen wel helder zijn?
- Kunnen medewerkers zich vinden in de normen en waarden van het bedrijf en
groeien die mee met de tijd en met het personeel? Worden ze geregeld of
worden personen erop aangesproken?
- Is er aandacht voor de stressoren in het bedrijf in de vorm van bezielend
leiderschap, stresstrainingen, coaching, exitinterviews.
- Welke mogelijkheden zijn er voor medewerkers om zich in hun werk te leren
kennen, ontplooien en zich zo breed mogelijk in te zetten?
Inwerkingstrajecten, loopbaanbegeleiding, scholing, doorstroommogelijkheden,
en van tijd tot tijd "op de plaats rust" om stil te staan bij waar
je staat en wat je nog wilt.
- Wat is er nodig dat medewerkers zich identificeren en verbinden met het
bedrijf en trots zijn dat ze er werken? Als ze dan toch elders gaan werken
zijn ze op zijn minst een goede ambassadeur.
Er valt op dit vlak van bedrijfscultuur de komende jaren nog veel winst te
behalen, in menselijk opzicht en daarmee ook in economisch opzicht. Want de
power van een bedrijf is te danken aan de betrokkenheid en het enthousiasme van
de medewerkers voor hun werk.
Als begeleider van mensen met burnout kijk ik met hen waar ze in hun bedrijf
tegenaan lopen om te kijken hoe ze dat zelf kunnen managen. Ik heb voor het
bedrijf waar hij werkt een signalerende functie.
En als personeelsbeleidsmedewerker HRM geef ik op dit punt mijn bijdrage om
binnen de Rijksoverheid vernieuwing van personeelsbeleid te realiseren.
Burnout staat nu erg in de belangstelling omdat het onze landelijke
economie miljarden per jaar kost. De Rijksoverheid, de UWV, gemeenten,
bedrijven, Arbo-diensten en vele reïntegratiediensten zijn er druk mee.
Veelal zijn de activiteiten gericht op het onderzoeken in hoeverre er sprake
is van werkdruk, stress en dreigende burnout. Diagnostiseringsonderzoeken
moeten ons vertellen wat er mis is. Er is nog weinig ervaring met het
effectief voorkomen werkdruk, stress en burnout. TNO heeft die onderzoeken
onder de loep genomen en geconcludeerd dat er op bedrijfsniveau drie
oorzaken aan te wijzen zijn: onvoldoende personeel, onvoldoende
gekwalificeerd personeel en mankementen in de organisatie van het werk. Deze
laatste is wel de hoofdoorzaak. In die organisatie gaat het volgens mij met
name over drie dingen: de inhoud van het werk, de procedures en de
menselijke processen. Wij zijn in onze westerse cultuur over het algemeen
keien in inhoud en procedures. In de afgelopen eeuw hebben we veel bedrijfsprocessen
perfect uitgelijnd, zelfs zo perfect dat we de illusie hadden dat problemen
opgelost konden worden met steeds gedetailleerdere procedures en regels.
Maar daar floreren mensen niet bij. En bedrijven op den duur dus ook niet.
Veel managers zijn aangesteld op grond van hun inhoudelijke en procedurele
kennis. Managen op mensen moet nog in evenwicht komen met managen op inhoud
en procedures. Dit geniet een groeiende aandacht.
- Inventarisatieonderzoek t.b.v. Arboconvenant Werkdruk sector Rijk" van
TNO-Arbeid
- "Omgaan met burnout" van Karien Carsten; geeft een prima
beschrijving van de vele facetten van burnout en daarmee een goede kijk op de
oorzaken; spitst zich toe op het kunnen managen van de eigen werksituatie en
op het gesprek tussen leiddinggevende en de medewerker.
- "Stress, vriend of vijand?" van Theo Compernolle; belicht de
menselijke maat van stress op het werk.
- "Stress, productiviteit en gezondheid" van Anthony W.K. Gaillard;
een overzichtswerk.
- "De creatiespiraal" van Marinus Knoope: "een mens is niet de
schepper van zijn diepste verlangens, maar wel van de vorm die hij eraan
geeft".
- "De miskende Boedha" van Hans Knibbe van de Zijnsgeoriënteerde
school in Utrecht
De
auteur:
Paul van Beuzekom, gestalttherapeut in zijn praktijk “Op eigen koers”
voor gestalttherapie,
relatietherapie, managementcoaching, coaching bij het werk,
reïntegratietherapie en begeleiding van stiefgezinnen, Amersfoort; www.opeigenkoers.nl
www.opeigenkoers.nl/leestafel.htm
Op eigen koers, voor gestalttherapie, relatieonderhoud, relatieontwikkeling, relatietherapie, werken met twee relatietherapeuten, managementcoaching, coaching op het werk, dienstbaar leiderschap, psychotherapeuten, psychotherapie, re-integratietherapie, reïntegratietherapie, stiefgezinnen, nieuw samengestelde gezinnen, leren leven in aandacht, voor ontdekken waar het leven eigenlijk om gaat, voor als je de weg kwijt bent in je privé, in je relatie, op je werk of in je leven, leven in aandacht, als je verliefd bent op een ander, Leren leven en werken met de vrijheid om je eigen koers te volgen; Paul van Beuzekom, Marianne van Berkel; onze klanten komen uit heel ons land en vooral uit midden van het land, uit de regio Utrecht en de regio Amersfoort.
|